De discussie was op sommige momenten nog wel goed en zinnig, hoewel ook niet altijd. Maar bij de moties was het een complete chaos. Zowat alle moties werden aangepast en vrijwel niemand had een overzicht van de wijzigingen, dus wat moest je eigenlijk stemmen: voor of tegen? Er waren dan ook bijzonder weinig moties die werden aangenomen. Het college kan dus in hoofdzaak haar eigen beleid uitvoeren. Doordat de raad zo verdeeld was profiteert het college daar terecht van. Vind ik dat erg? – nee. Het college heeft goede plannen en in vele commissievergaderingen zijn er ook kaders aangegeven voor die plannen. Dus negentig procent van het huidige collegebeleid is ook door de raad zo aangegeven. Maar we hadden nog wel een aantal accenten kunnen liggen op het beleid, om aan te geven dat we de signalen uit het dorp begrepen hebben. Veiligheid is zo één van die aandachtspunten. De ChristenUnie had het goede plan om de Harderwijkerstraat van vrijliggende fietspaden te voorzien. Het CDA had een goede motie over ‘meer blauw op straat’. Beide moties werden niet aangenomen. Onderlinge meningsverschillen over de details weerhouden ons blijkbaar van doortastend optreden. Jammer, maar ik hoop dat we hiervan leren.
Maar er was meer deze week. We begonnen de week met fractieberaad, natuurlijk over de moties en ander begrotingsvoorstellen. Op woensdag was het Dankdag. Een goede dag om stil te staan bij de rijkdom die we hebben in ons land, ook al zijn er mensen die het minder goed hebben dan de meerderheid. Laten we op deze dag ook maar eens stilstaan bij deze mensen en ook bij onze dorpsgenoten die erg eenzaam leven. Vooral oudere mensen voelen zich vaak eenzaam, maar er zijn ook heel wat jongeren die dat gevoel kennen. Wie er niet ‘bij hoort’, bijvoorbeeld doordat hij zich eigenaardig gedraagt, valt al snel uit de boot, vooral bij jongeren. Kijk ook maar eens hoe weinig jongeren er voor hun homofiele geaardheid durven uit te komen uit angst om af gewezen te worden, en dat is niet alleen in de kerken een probleem. Maar Dankdag is ook een dag om onze rijkdom te relativeren en te kijken naar Afrika of aan de voormalige Oostbloklanden. Na de kerkdienst nemen we vrij van alle werkzaamheden en lees ik een goed boek over de Tweede Wereldoorlog. Ook daarvoor mogen we Dankbaar zijn, voor de vrede in ons land die we nu alweer zolang hebben.
Woensdagavond moet ik me voorbereiden op de commissie Bezwaar en Beroep en nog wat lezen voor de commissie Samenleving. Het is maar goed dat ik dat laatste ook gedaan heb, want donderdag krijg ik een e-mailtje van Christine dat ze ziek is. Zij kan dus niet naar Samenleving (en helaas kan ze er ook vrijdag niet zijn). Hoewel ik me goed heb voorbereid op Bezwaar en Beroep, kan ik het gelukkig zo regelen dat ik toch naar de politiek belangrijke vergadering van Samenleving kan gaan. Er zijn twee belangrijke onderwerpen: de Welzijnsnota en de eerste evaluatie van de WMO die over de huishoudelijke hulp gaat.
Als ChristenUnie willen we graag een impuls geven aan het verenigingsleven en daar hebben we geld voor over. Ook willen we graag extra aandacht voor de vrijwilligers. Zij doen belangrijk werk en dat willen we graag waarderen. We gaan samen met CDA en PvdA een voorstel maken dat we dan als amendement gaan voorstellen aan de raad. Er komen dus een aantal maatregelen om de verenigingen aan meer mogelijkheden te helpen. We vinden dit belangrijk: jeugd die druk is met hobby en of sporten hangt niet zoveel rond. Als we dus geld uitgeven aan het verenigingsleven snijdt het mes aan twee kanten: we helpen de jeugd en de besturen én we hoeven minder geld uit te geven aan de problematiek van de hangjongeren.
Daarna is er de WMO. Er gaat veel goed bij de WMO, ook de huishoudelijke hulp. Natuurlijk zijn er schrijnende gevallen, maar dat zijn er gelukkig niet veel. En belangrijk is of die schrijnende gevallen het gevolg zijn van de WMO, of dat die er ook zouden zijn in het oude systeem.
Er zijn ook een aantal misverstanden over de huishoudelijke hulp. Het blijkt, nu er nauwkeuriger naar gekeken wordt, dat voorheen regels en praktijk nogal van elkaar verschilden. De hulp wordt nu beter omschreven en dat is winst. Nu moeten we goed uitkijken dat iedereen de hulp krijgt die bij hem of haar past. We zitten volgens mij op het goede spoor, maar we moeten misschien nog wel wat bijsturen. Op beide onderwerpen moeten we dus oplettend blijven: de aandacht voor de vrijwilligers en voor de professionele huishoudelijke hulp.
Geen berichten gevonden.