Maandag en dinsdag doe ik niets aan politiek en ik heb ook geen vergaderingen. Ik was lid van een Taakgroep in onze kerkelijke gemeente, maar vanwege mijn drukke werkzaamheden ben ik daarmee gestopt. Ik ben te vaak weg van huis en daar moest ik iets aan doen; bovendien ontvangt deze Taakgroep voor de jeugd ook gemeentelijke subsidie, dus is het beter dat ik me hier niet meer mee bemoei. Dat is op zich jammer want ik vind dat je wel wat moet doen in je kerkelijke gemeente. Je moet contact houden met je kerkelijke gemeente en dat doe je het beste door ook iets nuttigs te doen. Het enige wat ik nu nog doe is de website bouwen. Daar heb ik ook een bijeenkomst voor op dinsdagavond maar die wordt bij ons thuis gehouden. Bovendien zit mijn oudste dochter in die werkgroep, wat ik erg leuk vind. Samen werken met je dochter aan iets concreets in de kerkelijke gemeente!
Woensdagavond bereid ik me voor op de commissie Middelen: veel lezen, maar ook nog even telefonisch overleg. Donderdagavond doe ik samen met Henk Dekker de commissievergadering. We beginnen alweer met ICT. Verder staan het teamplan van de politie en aanpassingen in de Algemene Politie Verordening op de agenda. Het zijn twee wijzigingen: een voor de vervanging van de kampeerwet en een voor het terugdringen van alcoholgebruik op bepaalde tijdstippen en in een bepaald gebied. Om het makkelijk te zeggen: met deze bepaling kan de burgemeester er voor zorgen dat er op Koninginnedag niet al om negen uur bier gedronken kan worden. Een goede zaak, vindt de ChristenUnie. Koninginnedag moet een familiefeest blijven en geen feest worden met te veel alcohol en de overlast daarvan. Het is natuurlijk onzin om te beweren dat de burgemeester hiermee Putten kan “droogleggen”, zoals een regionale krant berichte. De burgemeester weet, dat als hij dat doet, hij op de volgende of op een speciale raadsvergadering teruggeroepen wordt. Onze burgemeester heeft genoeg bestuurlijke ervaring om met deze regel om te gaan zodat het ten voordele is van de bevolking. Netjes op tijd stoppen we met de vergadering en ik ben nog voor elf uur thuis.
Vrijdagavond heb ik een nieuwe racefiets gekocht. Ik zal geen reclame maken voor de plaatselijke rijwielhandelaar die in het centrum nabij het gemeentehuis zit. Het kost veel geld, maar ik wordt goed geholpen en ga tevreden naar huis.
Zaterdagmorgen ga ik fietsen, nog op mijn “oude” racefiets, want de nieuwe moet nog klaar gemaakt worden. We fietsen dit keer niet alleen door de bosgebieden, maar na Elburg gaan we langs het water aan de overkant en zakken af naar Harderwijk. Onderweg moet ik denken aan het liedje van Boudewijn de Groot, over de eenzame fietser die kromgebogen tegen de wind in fietst. Want dat moeten we doen: kromgebogen tegen de wind in fietsen naar Harderwijk. Moe maar tevreden komen we thuis.
En ’s middags gaan we naar Oosterbeek. De plaats waar ik opgroeide en die veel herinneringen oproept. Ik vind het altijd leuk om hierheen te gaan. Het is mooi weer en we gaan dus wandelen op het landgoed Hartenstein. Het is een lekkere temperatuur en de het voorjaar laat zich al zien. Tenslotte gaan we traditiegetrouw pannenkoeken eten in Schaarsbergen, vlak bij waar ik als militair woonde, op de LETS (Luchtmacht Electro Technische School). Daar heb ik indertijd mijn technische opleiding afgerond. Wie had toen kunnen denken dat ik ooit raadslid zou zijn…